30 juni: Hoe kunnen Brazilië en Nederland samen optrekken richting Rio+20?
Optimisme en zelfreflectie tijdens start platform
30 juni 2011
Op 28 juni 2011 was de officiele aftrap voor het Nationaal Platform Rio+20. De groene economie staat daarin centraal, maar hoe transformeer je de economie in een groene richting? De eerste bijeenkomst is een verkenning op zoek naar praktische antwoorden op die vraag.
De voorzitter van het platform Louise Fresco kijkt in haar openingsrede terug op precies twintig jaar geleden toen het proces naar de conferenties over duurzame ontwikkeling van de Verenigde Naties begon.
‘Het is adembenemend wat er allemaal is gebeurd’, zegt ze. Volgens haar is er structureel veel op gang gebracht sinds in 1992 de eerste conferentie in Rio de Janeiro (Brazilie) werd gehouden. En dat ondanks de explosieve toename van de wereldbevolking!
De mensheid is in staat gebleken, aldus Fresco, om lessen te trekken en met elkaar iets op te zetten dat de basis is voor nog meer duurzame ontwikkeling. Positieve ontwikkelingen zijn de toegenome invloed van het maatschappelijk middenveld, de omslag die het bedrijfsleven heeft gemaakt richting duurzaam ondernemen, en het opstellen van internationale duurzame criteria in multistakeholder initiatieven.
De voorzitter wil vooral de positieve kant benadrukken van wat er in twintig jaar op duurzaamheid is bereikt, ook al ziet ze zelf wel in dat er nog veel te doen is. ‘Onze generatie zal een wereldwijde bevolkingsgroei meemaken die nooit eerder is gezien in de geschiedenis van de mensheid,’ spreekt Fresco tot de zaal. Dat betekent dat meer dan ooit iedereen zijn verantwoordelijkheid moet nemen en daaraan vorm moet geven.
Het Nationaal Platform Rio+20 ziet dat als de belangrijkste taak, naast de formele taak om input te geven voor de zogenoemde ‘zero-draft’ tekst. Die zal voor de Nederlandse overheid de basis zijn voor verdere onderhandelingen richting de top over een jaar in alweer Rio de Janeiro.
Staatssecretaris voor Europese Zaken en Ontwikkelingssamenwerking Ben Knapen borduurde in zijn speech voort op hetzelfde optimisme door vast te stellen wat Nederland de wereld te bieden heeft aan kennis, bijvoorbeeld op het gebied van watermanagement.
Wel benadrukt Knapen dat ook armoedebestrijding onderdeel uitmaakt van de duurzaamheidsagenda. De armoede is dan wel op zijn retour in veel landen in de wereld, maar natuurlijke hulpbronnen raken op en klimaatverandering zal vooral de armsten treffen. Daarom is urgentie geboden, zegt hij, en is het ‘essentieel’ om de slag te maken naar actie. Volgens hem is daar een belangrijke taak weggelegd voor het Nederlandse Platform.
De Braziliaanse ambassadeur in Nederland José Artur Denot Medeiros noemt de resultaten van wat twintig jaar geleden in Rio is afgesproken significant, maar benadrukt in zijn introductiespeech dat er ook op veel punten die toen werden afgesproken helemaal niets is gebeurd.
Ontwikkelingslanden en ontwikkelde landen zijn het bovendien op veel punten van duurzame ontwikkeling oneens en ook is er een financieringsprobleem voor de implementatie van afspraken. ‘Meer beloftes zijn niet nodig, wat we volgend jaar in Rio wel moeten afspreken zijn nieuwe manieren om de beloftes te implementeren op een mondiale schaal.’
Of het de aanwezigheid is van Denot Medeiros, de historische band tussen Brazilie en Nederland of simpelweg dat Brazilie het gastland is van de VN-conferentie, maar de eerste actie van het Platform tijdens deze eerste bijeenkomst was het besluit om snel uit te zoeken hoe Brazilie en Nederland samen de verschillen tussen opkomende en westerse economieen kunnen slechten.
Of in de woorden van oud-premier en Honorary Chair Earth Charter International van de Rio Earth Summit 1992 tot Rio 2012 Ruud Lubbers: ‘Nederland en Brazilie kunnen een politieke patstelling tijdens de top voorkomen door vroegtijdig samen op te trekken.’ Bovendien roept hij iedereen op om niet verlegen te zijn om ethiek voorop te zetten.
Hierop haakt voorzitter Louise Fresco handig in met een pleidooi om de gemakzucht bij ons in het westen en dus ook in Nederland te laten varen. ‘We moeten de uitdaging met onszelf aangaan. Ook wij doen het nog lang niet goed genoeg, kijk bijvoorbeeld naar ons huidige consumptiepatroon.’ En zo gebruikte Fresco het optimisme waarmee ze begon voor een finale oproep tot zelfreflectie en duurzaam handelen.
Geef een reactie
Thanks for writing such an easy-to-understand artilce on this topic.






